The Turin Horse

“kész” zegt de boerendochter tegen haar vader. “It’s done.” De aardappelen zijn gekookt. Ze kunnen eten. Met één hand drukt vader de aardappel plat en propt de stukken gulzig in zijn mond. Zijn dochter, hoofd verborgen achter lang haar, eet langzamer. Ingetogen.

Vóór “kész” vertrouwt Belá Tarr puur op de sombere zwartwit beelden van vader en dochter tijdens hun dagelijkse routines op de boerderij. Hoe ze worstelen met een bokkig paard dat bevelen negeert. De shots worden gedragen door weeïge muziek. The Turin Horse schildert een machtig poëtisch sfeerportret en heeft geen woorden nodig.

Als boerendochter de weemoedige stilte verbreekt voelt dat als verstoring van het ritme. De stilte is aangetast. Er klinkt een echo in de put. “kész”. Het gedicht is niet meer zuiver.

Die ingreep roept spanning op, want dat krijg je met zo’n subtiele barst in de beklemmende stilte, en het is prettig om stemmen te horen, ik vind het ook jammer. Had ons laten staren naar het grauwe leven in de modder. Naar de gelijnde kop en de woeste gezichtsbeharing van boerenvader. Het eten van de aardappelen. Boeren op het platteland, ver weg van de bewoonde wereld. Totdat het echt stil wordt. En het leven geruisloos verdwijnt.

Geef een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.