Toen Will Smith zich serieus op het acteren ging concentreren wilde hij meer dan een goed acteur worden. Hij mikte op de status van superster. Want supersterren maken de grootste films. Smith zou Hollywood bestormen. Een eigen merknaam ontwikkelen. Synoniem worden aan succes. Omdat de best bezochte titels van die periode volgepropt waren met speciale effecten accepteerde hij in 1996 de rol van Steven Hiller in het lawaaiige en monsterlijk succesvolle Independence Day. Een levensechte versie van Space Invaders met op de achtergrond de Amerikaanse vlag.
De rol vroeg om niet veel meer dan een opgepompt lichaam en zelfverzekerde uitstraling (Smith zou dat later goedmaken met meer uitgediepte personages) en het maakt nauwelijks uit dat hij werd bijgestaan door andere uitstekende spelers. Independence Day is de triomf van Smith. Zijn momentum. De familievriendelijke rapper en goeiige dwarsligger uit The Fresh Prince of Bel-Air zat direct op Hollywoods troon. De wereld maakte kennis met een nieuwe superheld. Zonder cape, breed grijnzend, met veel branie en een dikke knipoog.
Independence Day markeerde het begin van de gedroomde supersterstatus. Smith stond op de top van de piramide en keek tevreden om zich heen, genietend van de adoratie. Ja. Dit kon hij nog wel even volhouden.