Eddington, de nieuwe satire van Ari Aster, is geen slechte film. Veteraan Joaquin Phoenix en de alomtegenwoordige Pedro Pascal zijn uitstekend als extreme tegenpolen die vechten voor het burgemeesterschap in Eddington, een dorp waar Covid, geweld en botsende politieke ideologieën de gemeenschap ontregelen. Eddington is een klein universum waarin de wereldproblematiek tot in het bizarre wordt uitvergroot. Sociale kritiek met flink wat gekte.
Hoe goed dit ook in mijn straatje zou moeten passen, het groteske rariteitenkabinet heeft mij toch niet helemaal overtuigd. Waarom? Goede vraag. Ik ben er nog niet helemaal uit maar heb wel een paar mogelijke antwoorden genoteerd:
De ergerlijk wrange toon.
Het gebrek aan sympathieke personages.
Hun vergaande acties.
Het wel erg hufterige gedrag van Joe Cross die, verblind door ambitie en principes, politiek tegenstander Ted Garcia aanvalt met vuil spel en daarbij morele grenzen overschrijdt.
Covid, het grote trauma dat nog niet zo lang geleden de wereld overspoelde.
Ik ben wel klaar met wijdverspreide onzinnige complottheorieën die voor waarheid worden aangenomen.
Door de vele ideeën die alle kanten op stuiteren is Eddington een onevenwichtige en rommelige vertelling. Dat ik denk, waar kijk ik eigenlijk naar? Wat wilde Aster nou overbrengen? En neemt hij niet heimelijk een standpunt in?
Nogmaals, Eddington is geen slechte film. Maar echt goed vind ik hem evenmin. Zo’n laffe drie-van-de-vijf-sterren score. Beetje teleurstellend.
Je kan mij volgen via Bluesky, Letterboxd, Instagram en Facebook.
Eddington op IMDb.