Ving Rhames op de roltrap. Dit ene beeld van Death Race 2 kan ik niet meer ontzien. Ter verduidelijking: Rhames probeert een zakenpartner te ontlopen en is door regisseur Roel Reiné geïnstrueerd om via de roltrap te ontsnappen. De zakenpartner laat dit niet zomaar gebeuren en drukt triomfantelijk op de knop om de roltrap af te remmen.
Rhames kan gewoon doorlopen. Of op de knop drukken om de roltrap te her activeren. Maar dat is niet de bedoeling. Dan gaat de scène stuk. En dus blijft de kolos staan. De prijswinnende acteur van klassieker Pulp Fiction staat vast op de roltrap. Een klein kind dat even de weg kwijt is.
Ik probeer er nog een zekere logica in te zien. Een vreemde filmische poëzie. Het heeft veel weg van een sketch in de geest van Monty Python. Of Jiskefet, om het dichter bij huis te houden. Herman Koch op de roltrap en Michiel Romeyn en Kees Prins als de boosdoeners die vals grijnzend de roltrap stilzetten.
Reiné en Rhames hebben er in elk geval hun schouders over opgehaald. Waarom zeuren als zij op het einde van de dag hun cheque ontvingen.
Ik ben geneigd om de scène binnen te stappen, de zakenpartner resoluut weg te duwen en de roltrap in werking te stellen. Zo kan Rhames kalmpjes zijn weg naar beneden vervolgen en meteen doorlopen naar de uitgang. Weg van het infantiele niveau van Death Race 2.
En helaas door naar deel 3.
Mijn Letterboxd-oordeel: 0.5