Ja ja ja, daar is er weer één. Een film die verdeelt en polariseert. De één is gul met tien steren, voor de ander is een half sterretje te veel. Het gaat om Saltburn, de tweede film van Emerald Fennell (Promising Young Woman). Oliver Quick, een sociaal ongemakkelijke student, hield van de rijke Felix Catton. Maar hoe het daar precies mee zit weet hij zelf ook niet. “I loved him. I loved him. I loved him, but was I in love with him?” Als het hoofdpersonage zo’n bekentenis aflegt, als zat hij in het biechthokje tegenover de priester, dan weet je, hier is iets aan de hand.
Oliver raakt dik bevriend met Felix en komt zo terecht bij de feestjes waar de rijkelui om bekend staan. Als Oliver door omstandigheden niet naar huis kan nodigt Felix hem uit op zijn landgoed, waar familie en vrienden zich vermaken met decadente feestjes. Vanaf daar begint Saltburn, voor zover het dan al niet smeulde, echt te roken.
Het landhuis zou het al niet slecht doen in een griezelfilm, met zijn uitgestrekte gangen en lege ruimtes, het is Oliver waar ik vraagtekens bij plaats. Wie is hij? Waarom gedraagt hij zich steeds vreemder? Was hij niet de sociale kluns zonder vrienden? Is dit slecht schrijfwerk? Fennell weet echt wel hoe een goed karakter te scheppen. Dus er moet iets anders aan de hand zijn. Visuele hints (let op de spiegels) geven wel iets prijs, maar net niet genoeg.
Er is één kleine scène nodig om de situatie in het juiste perspectief te plaatsen. Eén moment van summier inzicht. Genoeg om de bedoelingen van Saltburn te verduidelijken. Het wordt nu griezelig helder waar Fennell naartoe werkt.
Dit kan op twee manieren aflopen. Fennell kan zwichten voor de moraal, toegeven dat het Kwaad moet worden verslagen, of de kwade intenties van Saltburn helemaal doorzetten. Gaat Fennell voor emotionele voldoening zoals met Promising Young Woman, of voor een meer schurend slot? Dat mag je zelf gaan zien.
Ik begrijp heel goed dat niet iedereen is gediend van deze thriller. Het wordt ook een beetje té, soms. Maar daar hou ik juist van. Ongeloofwaardig en gezocht? Kan. De glibberige Oliver, die de rijkelui dwingt om hun maskers af te zetten, wist met een duivelsglimlach de hiaten toe te dekken.
Ik zie in Saltburn een prachtige, donker komische satire op de elite in hun ivoren torentje. En de woorden “I loved him” krijgen op het eind een giftige klank.