Ik introduceer een nieuw begrip: “Bijbelse intensiteit”. Van toepassing op films die groots gaan, en dan bedoel ik ook echt gróóts, met een epiek zo liefdevol dat je zelfs de extreemste scènes een stevige knuffel geeft. Bijbelse intensiteit betekent oprechte heldenverering. Extreme weerstand van de tegenpartij. Met de grootst mogelijke inspanningen maar zonder een druppeltje zweet te verspillen worden uitdagingen overwonnen. Bijbelse intensiteit is film als meeslepende belevenis. Een ervaring.
Het perfecte voorbeeld: Bãhubali: The Beginning. Bollywood-spektakel met als schitterend middelpunt Shivudu, de uit marmer gebeeldhouwde jonge god met bovenmenselijke krachten (Superman is er niets bij) die opgroeit in de wildernis en jaren later zijn koninklijke afkomst ontdekt. Er is broederhaat (zei iemand Kaïn en Abel?), machtshonger en verregaande zelfverheerlijking. En omdat Bollywood gelijkstaat aan muziek en dans wordt de Bijbelse intensiteit vanzelfsprekend vergezeld door aanstekelijke musicalnummers die je na afloop meteen wil Spotify’en.
Bijbelse intensiteit neemt ook de tijd om het verhaal goed te vertellen. In deel één worden de pionnen klaar gezet voor een nog grootsere veldslag. De opzet belooft meer epiek. Bãhubali: The Beginning de machtige prelude. Deel twee het crescendo. Is dat mogelijk?
Natuurlijk is dat mogelijk. Kan niet anders. Ik heb er alle vertrouwen in.
Je kan mij volgen via Bluesky, Letterboxd, Instagram en Facebook.
Bãhubali: The Beginning op IMDb.