Onderstaand stukje is geïnspireerd door Bambi en refereert naar die ene specifieke scène waar iedereen het altijd over heeft. Bambi is bezig met het ontdekken van de wereld en probeert alles bij naam te noemen. Dit leidt tot oh zoveel hilariteit bij zijn bosvriendjes Stampertje en Bloem, die hem oh zo geduldig corrigeren. Ik dacht, laat ik deze scène eens herschrijven. Maar dan met Bambi’s moeder aan zijn zijde.
“Wat, Bambi? Een bloem? Nee, Bambi. Dat is geen bloem. Dat is een vlinder.
Hè? Wat zeg je? Nee, dat is geen kalm kabbelend watertje met visjes die zo nu en dan naar boven komen om een zoetvrolijk liedje te zingen. Dat is een rots.
Waar heb je het over, Bambi? Dat? Gras? Nee. Dat is geen gras. Dat is een waterval van ongeveer tien meter hoog.
Dat? Een bebrilde mol die onder de grond graaft om zo zijn weg door het bos te vinden? Nee, Bambi. Nee. Echt niet. Zeker weten. Beslist niet. Ook niet als je mij zo aan blijft kijken met jouw deerniswekkende hertenogen. Nee. Ook dan blijft het een vogel, Bambi.
Nee, dat is geen boom. Dat is de zon. Om die reden is het geen boom. Omdat dat de zon is. De zon schijnt, Bambi. Heb je ooit een boom zien schijnen? Nee, Bambi. Omdat dat dus geen boom is. Nee, je hebt ook niet een beetje gelijk. Ook niet een half procent.
Wat zeg je, Bambi? Dat? Nee. Dat is geen lief dartelend hertje om samen mee in de bosjes te gaan zitten. Nee. Dat”
Ja, ik kan hier nog lang mee doorgaan. Maar misschien dat jij, beste lieve lezer, nog wat eigen suggesties hebt. Om die reden heb ik de allerlaatste zin niet afgemaakt.