Wat de Tokkies in 2003 overkwam was natuurlijk diep- en dieptreurig. Pater familias Gerrie wilde toen via de media de penibele situatie van zijn familie onder de aandacht brengen. Regisseuse Ingeborg Beugel toonde nog empathie met haar docu-serie, de sensatiepers had heel andere plannen. En zo overheerste jarenlang het beeld van een groep onappetijtelijke asocialen.
Alhoewel ik de serie nooit had gezien, was ik zeer goed op de hoogte van de grappen, de vergelijkingen met Flodder en de vele manieren om geld uit de hype te knijpen.
Twintig jaar later is het tijd voor rehabilitatie, vond dochter Nathalie. Nog één keer werd er een tv-ploeg uitgenodigd om een portret te filmen van de illustere Tokkies. Ditmaal op hun voorwaarde. Zodat iedereen eindelijk eens de mensen zag in plaats van de zogenaamd grootste asociale familie van Nederland.
Ik vind dat een nobel streven. En ergens werkt het ook wel. De familieleden zijn misschien wat onaangepast, er is ook sprake van een diepe liefde, stevige loyaliteit en de behoefte mee te kunnen draaien in de maatschappij.
Alleen, verder dan dat komt De Tokkies 20 jaar later niet. Met nog geen zestig minuten wordt vooral hetzelfde mantra herhalen: wij willen laten zien wie wij echt zijn. Ja. Oké. Laat dat dan ook gewoon zien zonder het steeds te benoemen. En waarom neem je in godsnaam een nieuwe single op als je aandacht zo beu was?
Ik mis daarnaast een stukje zelfreflectie. Er wordt met geen woord gerept over de dramatische gebeurtenissen die hebben geleid tot hun optreden in de media. Deze familie doet als zij nog nooit iemand kwaad hebben gedaan, en dat áls er dan eens iets gebeurde dat dan per ongeluk ging. Of dat het kwam door omstandigheden.
De Tokkies 20 jaar later beschouw ik enerzijds als een aandoenlijk charmeoffensief en anderzijds als een ordinair reclameblok ter promotie van “Tokkie 2.0”. Had anders een YouTube-kanaal opgericht om je eerherstel te vloggen.
De Tokkies staan met hun rehabilitatie-documentaire ook op Letterboxd. Net als ik trouwens.

